Barneveldse Krant 6 september 2003
,,Niet anderen napraten, maar zèlf Calvijn en Erskines lezen”
In een omvangrijke studie roept de Barneveldse journalist dr. Klaas van der Zwaag reformatorisch Nederland op tot ,,eerlijk zelfonderzoek’’. `Terug naar de Bijbel en de belijdenis van de Reformatie`, bepleit hij.
Lijvig boek Barnevelder Klaas van der Zwaag tegen ,,theologische scheefgroei`` in reformatorische kring
Door Jan Kas
Om zich heen ziet dr. Klaas van der Zwaag tot zijn vreugde een hernieuwde belangstelling voor de `klassieken` van de gereformeerde traditie, de geschriften van theologen als Calvijn, Brakel, de Erskines en Boston. ,,Een grote kans voor correctie van bepaalde theologische scheefgroei``, verwacht de Barneveldse journalist. En dat is in zijn ogen hard nodig, want in reformatorische kring wordt volgens hem lang niet altijd bijbels en gereformeerd gedacht en gepreekt over geloof en bekering tot God.
Velen in de (oud-)gereformeerde gemeenten (in Nederland) zijn vervreemd geraakt van de oorspronkelijke gereformeerde theologie, meent Van der Zwaag. Oorzaak is naar zijn mening een groeiende nadruk op het kerkelijk eigene en de kerkgeschiedenis van de laatste anderhalve eeuw. De Barnevelder schreef een lijvig boek van bijna elfhonderd pagina: `Afwachten of verwachten? De toe-eigening des heils in historisch en theologisch perspectief` (Groen Heerenveen, €29,50).
Napraten
In honderden citaten laat Van der Zwaag, lid van de gereformeerde gemeente in Barneveld, theologische schrijvers uit het verleden aan het woord ,,met als hoopvolle verwachting dat de lezer ook de werken van deze auteurs zelf ter hand zal nemen``. ,,Want te vaak wordt onder reformatorischen maar wat nagepraat wat er in kerkbladen geschreven wordt of wat een dominee of een ouderling zegt, in plaats dat de wortels van de eigen traditie worden bestudeerd.``
Dat ,,een groeiende groep van (overwegend) jongeren de klassieke geschriften van de gereformeerde vaderen niet ongelezen laat``, doet Van der Zwaag goed. ,,Ook zijn de laatste tijd talloze internet-sites opgezet die teksten van `oudvaders` en `puriteinen` publiceren. Jongeren komen in groepen bijeen om samen de Bijbel en de geschriften der vaderen te onderzoeken. Ze spreken vrijmoediger over het geloof dan een oudere generatie en zelfs hun eigen generatie vijftien jaar terug.``
Deze ontwikkelingen passen bij Van der Zwaags pleidooi in `Afwachten of verwachten` voor een terugkoppeling naar de Bijbel, de gereformeerde belijdenis en de wortels van de Reformatie (Calvijn), de Nadere Reformatie (de toespitsing van de Reformatie in Nederland in de zeventiende eeuw) en het puritanisme (Engelse en Schotse predikers in diezelfde periode). ,,Voor een ruime evangelieprediking behoeven we ons oor niet te luisteren te leggen bij evangelische stromingen, maar kunnen we volop terecht bij de klassieke gereformeerde traditie.``
Lot?
De `toe-eigening van het heil` is het kernthema van Van der Zwaags, door reformatorische zakenlieden gesponsorde boek. In de loop der eeuwen is in de rechterflank van de gereformeerde gezindte een uiterst gedetailleerde theologische leer gegroeid, die voor niet-reformatorischen moeilijk te bevatten is. Uitgangspunt is dat de mens zich door de zondeval van Adam en Eva in het Paradijs van God heeft afgekeerd en dat behoud van de zondaar voor de eeuwigheid, en daarmee een plaats in de hemel en niet in de hel, alleen mogelijk is door verlossing in Jezus Christus, die is gestorven en opgestaan voor allen die in Hem geloven. Geloof, zo leert de gereformeerde belijdenis, is genade, een gave van God. Maar hoe zit het dan met de factor van de menselijke wil? Heft de genade de menselijke verantwoordelijkheid op? Kan een mens alleen maar lijdelijk afwachten of hem ook dat `heil in Christus` ten deel zal vallen, als een `lot` dat de mens `overkomt`, òf mag hij verwachtingsvol uitzien naar wat God uit vrije genade schenkt. ,,Het eerste is niet bijbels, en ook niet gereformeerd``, concludeert Van der Zwaag. Een complicerende factor in de pastorale praktijk is de reformatorische leer van de uitverkiezing, dat God vooraf sommige mensen heeft uitverkoren tot behoud.
Met vele klassiek-gereformeerde citaten laat Van der Zwaag zien dat ,,het absolute karakter van de genade nooit de menselijke wil en de verantwoordelijkheid opheft, integendeel juist een appèl doet op deze wil``. ,,Zonder tekort te doen aan het genadekarakter van het geloof, hebben de oudvaders steeds de wil, het verstand en het hart van de mens aangesproken opdat deze zou komen tot geloofsovergave aan Christus. Ze drongen voortdurend aan op een geloofskeuze.``
Onbekend
In de gereformeerde gemeente in Barneveld, waarin Van der Zwaag opgroeide, werd eerder het `lijdelijk afwachten` dan het `verwachten` benadrukt. ,,De soevereiniteit van God werd sterk beleefd; de `plicht tot geloof` waarvan de Bijbel spreekt - ik denk aan een tekst als `Bekeert u en gelooft het evangelie` - kwam niet echt uit de verf. In zo`n grote gemeente als de onze waren er elk jaar veel sterfgevallen. Meestal was het lot van de overledene - hemel of hel? - onbekend. Men liet dat ook liggen. Mij greep dat aan. Bidden en roepen we dan tot een onbekende God, die ons niet hoort? God eist van de mens geloof, maar hoe verhoudt zich dat tot de menselijke wil? En hoe is het met verantwoordelijkheid en verkiezing?`` Tijdens zijn studie filosofie, met als bijvak theologie, aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en ook daarna hebben deze vragen Van der Zwaag niet losgelaten. ,,Dit boek heeft dus een lange voorgeschiedenis. Door het lezen van de Erskines en vele anderen kwam ik gaandeweg tot de ontdekking dat de preken die ik in onze gemeente hoorde vaak niet overeenstemden met het erfgoed van de theologen van de Reformatie en puriteinse schrijvers.``
Van der Zwaag, kerknieuwsjournalist bij het Reformatorisch Dagblad, kan het wegraken van het klassieke gereformeerde denken verklaren. ,,In de negentiende eeuw was de prediking van vaak eenvoudige voorgangers in de gemeenten van de `kruisgezinden` en `ledeboerianen`, de voorlopers van de gereformeerde gemeenten van nu, sterk gestempeld door een geloofsbeleving die erg op de ervaring gericht was. Het geloof is pas echt als je er wat van voelt. Een bepalende rol hadden ook de bekeringsverhalen waarin de geloofsweg van gelovigen stap voor stap werd geschetst. Wat in eerste instantie authentiek was, de beleving van een oprecht gelovige, werd op den duur de norm: zó en zó moest het gaan, anders kon je geen `kind van God` zijn.``
In de twintigste eeuw, zo blijkt uit Van der Zwaags boek, is deze benadering in de reformatorische kerkgenootschappen verder uitgewerkt in een specifieke `standenprediking`; de kerkganger krijgt te horen welke verschillende stadia, `standen`, hij moet doormaken voordat hij zich een waar gelovige mag noemen. ,,Het werpt mensen helemaal terug op zichzelf, terwijl ze juist tot Christus zouden moeten gaan``, aldus Van der Zwaag. Bij ds. P. Blok, tot voor kort predikant van de gereformeerde gemeente in Kootwijkerbroek, en wijlen ds. J. Fraanje, vele jaren predikant van de gereformeerde gemeente in Barneveld, vindt Van der Zwaag veel elementen van de standenprediking terug.
Hypercalvinisme
De afgelopen jaren heeft prof.dr.ir. J. Blaauwendraad, aanvankelijk nog ouderling van de gereformeerde gemeente in Gouda, zich tegen de standenprediking verzet en de reformatorischen terugverwezen naar de bronnen van de Reformatie. Daarnaast heeft ds. C. Harinck, predikant van de Gereformeerde Gemeenten, in recente publicaties een lans gebroken voor het gedachtengoed van de puriteinen. Van der Zwaag: ,,De vragen die Blaauwendraad en Harinck oproepen herken ik. Maar ze zijn al lang en breed aan de orde geweest in de afgelopen eeuwen, bijvoorbeeld bij de Erskines.``
Van der Zwaags aanpak is anders dan die van Blaauwendraad. ,,Blaauwendraad spitste het wel erg toe op misstanden die hij bespeurde in de prediking in de Gereformeerde Gemeenten, bovendien hebben zijn boeken een polemisch karakter. Ik analyseer daarentegen uitvoerig hoe er in de breedte van de kerken van de Reformatie - ook bij hervormden, gereformeerden, vrijgemaakt- en christelijk-gereformeerden - in de loop der eeuwen over de toe-eigening van het heils is gedacht. Het gaat mij niet om één kerkverband, ik leg de vinger vooral bij het `hypercalvinisme`, de stroming die leert dat in de prediking alleen de `ontdekte` uitverkorenen genodigd werden tot het heil. Het evangelie wordt volgens hypercalvinisten weliswaar aan iedereen gepredikt, maar de genade mag alleen de uitverkorenen aangeboden worden. Daarin is niets meer terug te vinden van de ruime nodiging van het evangelie bij de oudvaders.``
Tussen de regels door is wel duidelijk waar Van der Zwaags sympathie ligt, door opmerkingen als `Helemaal bont maakt Steenblok het wanneer hij zegt...` en `De puriteinen waren pastorale raadslieden van de eerste orde`. Met instemming citeert Van der Zwaag veelvuldig uit publicaties van de behoudend-hervormde predikanten D. Heemskerk (Garderen) en P. de Vries (Elspeet, eerder Zwartebroek-Terschuur), die de genade in Christus voor zondaren in een ruim-nodigende appellerende prediking `welmenend aanbieden`.
Geen derde weg
De Barneveldse journalist signaleert in reformatorische kring ,,het gevaar van de derde weg`` als uitwerking van de gangbare, ingehouden, weinig `gunnende` en weinig nodigende prediking. ,,Belijdende leden van de kerk, mensen die soms al veertig, vijftig jaar lang kerkbanken verslijten, zeggen dan niet tot de `wereld` te behoren (daarvan zijn zij immers afgezonderd door de doop en door het belijden van `de waarheid`), maar ook niet bij `Gods volk`. Er is echter geen derde weg voor kerkleden die wel uitwendig belijdenis gedaan hebben van `de waarheid`, maar (nog) niet tot persoonlijk geloof zijn gekomen. Wie niet voor is, is tegen. Neutraliteit tegenover God is principieel onmogelijk. Een levenskeus is noodzakelijk, een door de Heilige Geest bewerkte vrijwillige keuze om voor God te leven en de zonden af te zweren. Kortom, een leven in eenvoudig, kinderlijk geloof.``
Citaten uit `Afwachten of verwachten?`:
,,God verwacht van ons niet dat we Hem `zoeken`, maar nodigt ons eenvoudig uit tot Hem te komen.`` (Johannes Calvijn)
,,Zij die nooit genade hebben gevonden in Christus, hebben deze nooit gezocht, of nooit met ernst en op de rechte wijze gezocht. Maar de zoeker wordt een vinder.`` (Charles Haddon Spurgeon)
,,Het komen tot Christus maar voor een kwartier uurs uit te stellen, is bij uitstek gevaarlijk; want bijaldien gij binnen die tijd kwaamt te sterven, zo waart gij voor eeuwig verloren.`` (Ralph Erskine)
,,Eén van beide: óf met zonde en eigen werk, in zonde en zelfbedrog en met valse wegen naar de hel, óf met zonden, zoals men is, in de armen van de Heere Jezus. Er dient geen minuut gewacht om de keuze te hebben gedaan.`` (H.F. Kohlbrugge)
,,Het is het uitstel, het is de verschuiving naar de volgende dag, die voor de meeste mensen de toegang tot de afgrond open houdt.`` (César Malan)
,,U zegt: `De Heere moet het doen, dat moet gegeven worden aan een mens`. Maar Hij roept u door Zijn Woord en Hij heeft u al talloze keren geroepen. (...) De oproep tot bekering is geen wens, zoals: we hopen dat u nog eens bekeerd wordt, maar het is een bevel. Dus niet: `Ik denk dat ik nog eens bekeerd zal worden, ik hoop dat ik er nog eens deel aan zal krijgen`, maar het is: `Bekeert u`. Met bevel van bekering en geloof.`` (Ds. D. Heemskerk, Garderen)